Bataafsche Flap-uit (1795)

Titelbeschrijving
De Bataafsche Flap-uit, of, Amsterdamsche Clubist.

Periodiciteit
Van dit woensdags (week?)blad is slechts de eerste aflevering (23 september 1795) bekend. Hoeveel afleveringen zijn verschenen, is onbekend. Feit is dat reeds op 29 september 1795 in het Comité van Waakzaamheid te Amsterdam de klacht van een aantal burgers werd besproken over de Flap-uit. Ze hadden vooral bezwaar tegen de ondertitel, ‘vermits daardoor de Clubisten in een verkeerd dagligt zouden kunnen worden beschouwt’.

Bibliografische beschrijving
In kwarto. In dit eerste nummer staat boven de titel als motto: ‘Gelykheid, broederschap, vryheid of de dood!’ Na de titel: nummer- en datumaanduiding, vervolgd met ‘Eerste jaar der Bataafsche vry- en onafhanglykheid’.

Boekhistorische gegevens
Amsterdam, C. Bennink, 1795.

Medewerkers
Blijkens de notulen van genoemde vergadering van het Comité van Waakzaamheid was ‘zekeren waterhond Eleveld Clubbist de schryver van het blaadje’.

Inhoud
Frijhoff c.s (1989) karakteriseren dit patriotse blaadje als volgt:

Periodieken als deze […] willen een soort zwartboek zijn van orangisten, aristocraten en van joden (die als trouwe oranje-aanhangers te boek stonden). De Flap-uit nodigt in dit eerste nummer rechtgeaarde patriotten uit daarbij behulpzaam te zijn. In brieven worden dan ook namen en adressen gegeven van orangisten enz. De spot die met de gemelde personen wordt gedreven betreft vaak het beroep, persoonlijke kenmerken maar ook gebreken: “en zyne beenen gelyken wel naar Slagershakblokken! Al ’t welk de uitwerkzelen zyn van de geliefkoosde drank, het heerlyk oranje-bitter, waar van hy een Begunstiger is.”

Exemplaren
Amsterdam, Persmuseum: PM 6871.

Bronnen
¶ Amsterdam, Stadsarchief: toegangsnr. 5053, Archief Nieuw Stedelijk Bestuur, inv.nr. 977 Notulen Comité van Algemene Waakzaamheid d.d. 29 september 1795, fol.161-162.

Literatuur
¶ W. Frijhoff, M. Jongedijk, R. Rottier, ‘Vryheid of de Dood’. La Révolution française vue des Pays-Bas 1789-1798 (Amsterdam 1989), p. 66-67 (afbeelding nr. 1).

André Hanou