Bijdragen tot Nut en Vermaak (1798)

Titelbeschrijving
Bijdragen tot Nut en Vermaak.

Periodiciteit
Van dit vrijdags weekblad verschenen twaalf ongedateerde afleveringen. Blijkens Saakes’ Naamlijst van december 1798 (p. 505) is het bij dit aantal gebleven.

Bibliografische beschrijving
Iedere aflevering telt acht doorgenummerde pagina’s in octavo. Het titelblok bevat slechts titel en volgnummer.

Borkhistorische gegevens
De colofon meldt: ‘Te Amsteldam, bij H. Lardé, Boekverkoper in de Nes, bij den Vijgendam’. De prijs per aflevering bedroeg volgens Saakes 1 stuiver; de twaalf nummers samen kostten 12 stuivers.

Medewerkers
De redactie noemt zich in nr. 1 ‘een Gezelschap van goede Vrienden’. Belangstellenden wordt uitgenodigd om bijdragen toe te sturen.

Inhoud
Nr. 1 begint met een uiteenzetting over oogmerk, aanleg en inhoud van het weekblad. Er wordt gesproken over een ‘zondvloed van tijd- en dagschrivten’, die merendeels een politieke inhoud hebben, vaak bedoeld om de hoofden van de lezers te verhitten. Het aantal godsdienstige en zedekundige tijdschriften is daarentegen ver in de minderheid. Er wordt niet één blad gevonden, ‘dat ingericht en geschikt is, om als een nuttig en tevens vermaaklijk Weekblad, voor het Algemeen, zonder onderscheid van denkwijze, van rang of stand in de Maatschappij, te kunnen dienen’. De Bijdragen tot Nut en Vermaak wil in deze lacune voorzien.
Het blad zal zich met zijn afwisselend nuttige en vermakelijke onderwerpen in het bijzonder richten op minvermogenden en jongelieden ‘om langs dezen weg, de verflaauwde en verbasterde leeslust onzer Natie op te wekken, en te verbeteren’. Een ander doel is de bevordering van ‘nutte Wetenschap en goede Zeden’. Zie hierover ook de aankondiging in Saakes’ Naamlijst van februari 1798 (p. 422).
Tussen de weinig inspirerende beschouwingen over leefregels, seizoenen, rechtsplegingen ook een anekdote ‘Profr. Gellert en de krijgsman’, het vertoog ‘Iets over redevoeringen en redenaars’, de geschiedenis van de huisspin, de levensbijzonderheden van Socrates, en de ‘zonderlinge geschiedenis van een in ’t wild opgewassen meisje’. Er staan ook dichtstukjes in.

Exemplaar
Utrecht, Universiteitsbibliotheek: Br *CCLXXXVI* 2

Rietje van Vliet