Boekbeschouwer (1793)

Titelbeschrijving
De Boekbeschouwer; of Onzydige Beöordeeling, niet alleen van de uitkomende Schriften, maar ook van de tegenwoordige Recensenten en hunne Beöordeelingen, benevens eenige Mengelstukken. Alles ter Verdeediging van den Christelyken Hervormden Godsdienst en zyner regtzinnige Schryvers; mitsgaders ter Aanmoediging van waare Geleerdheid en Deugd. Door een genootschap, onder de spreuk: Suum Cuique. ’t Theologische gevisiteerd en geapprobeerd. Eerste deel. No. 1 [2, enzovoorts, t/m 7].

Periodiciteit
Van dit blad zijn zeven afleveringen bekend. Saakes meldt de verschijning van de eerste aflevering in zijn Naamlijst van april 1799 (p. 299-300).
De in beginsel maandelijkse frequentie is blijkbaar afhankelijk geweest van de omstandigheden. Het voorbericht van de nr. 1 meldt:

Ons Tydschrift zal by No. worden uitgegeven; maar, wy willen niet bepaald zyn aan eene maandlyksche uitgaave van een No: het zou kunnen gebeuren dat ’er een Maand zonder eenig Stukje voorby ginge, of, dat de veelheid der stoffe, twee Stukjes in eene Maand vorderde. (p. 10)

De twijfel over de regelmaat is ook al zichtbaar in het bewaard gebleven prospectus van uitgever Cornel, gedateerd 1 oktober 1792, waarin wordt aangekondigd dat het blad zal beginnen ‘primo January 1793, en voords maandelyks, kan ’t zyn’.

Bibliografische beschrijving
In octavo.
Nr. 1 heeft II (= titelpagina, plus ‘Inhoud, uittreksels en beoordeelingen Van de volgende Boeken; Mengelstukken’) plus 12 bladzijden ‘Voorbericht’. Daarna volgen in apart gepagineerde secties de afdelingen Beoordelingen (p. 1-48) en Mengelwerk (p. 1-36). Dit gescheiden systeem wordt in de volgende afleveringen gecontinueerd, waarbij de aparte paginering van de twee secties vervolgd wordt en qua telling over de afleveringen heenloopt.
Het totaal aantal pagina’s beloopt 336 voor de Beoordelingen, 300 voor het Mengelwerk.

Boekhistorische gegevens
De titelpagina’s melden: ‘Te Rotterdam, by Nicolaas Cornel, Drukker en Boekverkooper op de Meent. 1793’.
Volgens Saakes kost elk nummer 8 stuivers. Dit bedrag wordt ook genoemd in de advertentie in de Rotterdamse Courant van 9 februari 1793.

Medewerkers
Het voorbericht van de eerste aflevering doet het voorkomen dat de schrijvers zich verenigd hebben hoewel zij elkaar niet persoonlijk kennen (p. 6); de religieuze noodzaak is wat hen bindt. Indien zij elkaar inderdaad niet gekend hebben, dan lijkt hun basis toch in het Rotterdamse te liggen.
In genoemd voorbericht wordt de lezer ook aangespoord iets in te zenden. Daaraan hebben nadien in ieder geval een A.D. en een V…… gevolg gegeven.

Inhoud
Het voorbericht van nr. 1 is uitvoerig over het doel van het tijdschrift. De beoordelingen van de gezaghebbende ‘journalen’ (Letteroefeningen, Recensent, Bibliotheek van Konst en Smaak) laten namelijk zeer te wensen over. Zij zijn te vitlustig en te personeel. Bovendien staan zij niet de hervormde godsdienst voor, maar de natuurlijke (bij de recensies in de Boekbeschouwer blijkt bovendien een bijzondere afkeer te bestaan van de 87’ers en van hun standpunten). Dit alles moet beter!
Het wekt dan ook geen verbazing dat bij de beoordelingen een streng religieus en soms politiek getint normenstelsel wordt gehanteerd. Men is tegen Bahrdt, vóór de Cornelia Wildschut (1793-1796) van Wolf en Deken, tegen de Johan van Oldenbarneveld (1792) van Petronella Moens. Het Mengelwerk is eveneens religieus getint (vrij veel naar het Duits; veel gedichten; vrij veel biografieën) zoals mede kan blijken uit de boeiende ‘Oplossing der vraage: is Rachab, van welke wy Josua II. en vervolgens leezen, eene herbergierster, of eene hoere geweest, en wat hangt ’er van de beslissing deezer vraage af?’ (p. 90-97).
De toon is in het algemeen vrij krachtig en persoonlijk. Beoordelingstalent is echter afwezig.

Relatie tot andere periodieken
Er is vrij veel polemiek met de Recensent.

Exemplaren
¶ Amsterdam, Universiteitsbibliotheek: O 60-3588
¶ Amsterdam, Universiteitsbibliotheek CAHAIS 1791-1797:43 (prospectus).

André Hanou