Courant zonder Voorbeeld (1794-1795)

Titelbeschrijving
Courant zonder Voorbeeld.
Titel van nr. 1: Proeven Eener Courant Zonder Voorbeeld zonder Permissie of Previlegie boven allen Verbod, ja Zonder Voorbeeld in deeze tyden.

Periodiciteit
Van deze periodiek zijn zeventien afleveringen bekend. Nr. 1 verscheen waarschijnlijk in 1794, de rest in 1795.
In het proefnummer wordt gezegd dat het blad niet alle dagen, of om de dag, zal verschijnen maar slechts indien het nodig is.
Het eerste nummer verscheen ‘clandestin’ in 1794, volgens een mededeling in nr. 13. Volgens nr. 2 verscheen dat proefnummer in het donkerste van 1794 maar werd de auteur vervolgd. Toen hij, na vlucht, terugkeerde, en de vervolgers zelf vervolgd werden, ging hij voort met zijn courant. De volgorde van deze gebeurtenissen is niet echt helder, dankzij de obscure vorm van de mededelingen hierover.

Bibliografische beschrijving
Elke aflevering heeft vier ongepagineerde bladzijden in kwarto. Het titelblok heeft in de bovenregel: jaar en nummeraanduiding.
Daarna volgt de titel rond een vignet met een door bloem omgeven cartouche waarbinnen een doornen(?)tak afgebeeld staat, en een legendum: ‘Ook scherp geneest’. Daaronder volgt als een soort motto: ‘Vrede, geluk en beterschap voor uw dood!!’. In nr. 1 (zie 1) ontbreekt dit vignet, maar men ziet wel een vierkant met daarbinnen de tekst ‘Hier in stelle de Leezer zich het Vignet voor, dat komen zal, echter zonder Kroon of Wapen’.
De nrs. 5 en 7 hebben een apart aanhangsel.

Boekhistorische gegevens
Colofon nr. 1: ‘In het midden der aanstaande Republicq, uit het Huis zonder Dak, By Jacobinus Carmagnole, onafhanglyk courantier’.
Vanaf nr. 3 wordt deze tekst vervangen door: ‘Ter Drukkery van de compagnieschap; te Utrecht op de Hooch; Ten Huize van A. Bloedbergen’.
Vanaf nr. 6 wordt aan dit laatste toegevoegd: ‘En word te Amsterdam uitgegeven by Hendrik van Staaden op het Rokkin’.

Medewerkers
Over de identiteit van de schrijver is niets bekend. Desondanks kan op basis van de gehele tekst worden vastgesteld dat hij een wat chaotische geest heeft. In nr. 2 trekt hij verschillende beweringen in nr. 1 met betrekking tot het volgende terug: hij wil nu wél graag correspondentie (franco!), advertenties (geld!) en bijdragen (kleine stukjes!).
Dat hij inderdaad medewerking kreeg op de genoemde terreinen, is niet naspeurbaar en ook onwaarschijnlijk: deze redacteur lijkt een Einzelgänger te zijn geweest. Hij wil graag politiek-literaire satire bedrijven, maar mist het nodige talent.

Inhoud
Volgens het proefnummer wil de schrijver een krant met waarheid; en zonder huwelijksadvertenties, zeetijdingen, marktprijzen, kortom zonder alles ‘van wat men gewoonlyk met den naam van WYVEN-COURANT, bestempeld wordt’. Hij wil zich niet vastleggen op een specifieke letter, of op een verdeling in kolommen (feitelijk is het blad nadien altijd tweekoloms), of op wat ook. ‘Alles, gelyk de tyd van de uitgaave, onbepaald’. Hij wil wel af en toe profetieën geven en de lezers raadplegen over hun wensen; – maar dat komt wel na de eerste drie nummers. Verder is hij tegen partijschappen: iedereen heeft schuld, ook de patriotten. Wel zijn er een nieuw soort gekozen ‘vergaderingen’ nodig, en een nieuwe constitutie.
In nr. 1 treft men een serieus betoog: ‘Vaderlandsche gedachten over de middelen tot herstel van Neerlands rampspoedigen toestand’.
In de latere afleveringen treft men twee min of meer vaste rubrieken: ‘Berichten’ en ‘Geruchten’. Hierin ‘nieuws’ uit plaatsen als Dnallegne (Engeland), Revohan (Hanover), Madletsma (Amsteldam). Dit is een nogal flauwe imitatie van het naamssysteem uit de Janus-tijdschriften. Ander nieuws is afkomstig ‘Uit het land der brandewyn-zuipers en der sneeuw-eeters’.
Verder is te vinden een amalgama aan teksten, zoals fake-advertenties, (talentloze) gedichten, imaginaire verhalen (‘Proeven van Hottentotsche spreuken’ en ‘Regeringsvorm van eenige Zuid-eilanders’) en een enkel typografisch grapje (in nr. 8 een patriotse rekening, half in wit afgedrukt, dus ‘afgescheurd’ of ‘verscheurd’).
Er is echter vooral belangstelling voor politiek. Zo vindt men ‘De Rechten van de Mensch, Utrechtsche variant’ (nr. 2); ‘Verlichtend Plan tot het oprichten van eene geregelde Volks-societeiteit’ (nr. 3) met als soorten leden: zwygende, ziende, hoorende, denkende en spreekende; een brief door ‘Jou Mede-Birger Salomon Levie’ (nr. 4).

Exemplaar
¶ Den Haag, Koninklijke Bibliotheek: 799 F 2
Full text

André Hanou