Friessche Patriot (1785-1787)

Titelbeschrijving
De Friessche Patriot.

Periodiciteit
Het weekblad verschijnt vanaf 1785 t/m 29 augustus 1787. De afleveringen zijn gebundeld in 2 delen (52 en 50 nrs.), beide gedateerd op 1786.
In de Leeuwarder Courant van 8 oktober 1785 wordt geadverteerd voor nr. 1, dat op maandag 10 oktober verkrijgbaar zal zijn en daarna op alle zaterdagen een vervolg zal krijgen. De verschijningsdag van de eerste gedateerde aflevering, 1 februari 1786 (nr. 19), is een woensdag.
De uitgever werd naar aanleiding van deel 2, nr. 16 (3 januari 1787), gedagvaard wegens uitspraken over het land dat door ‘snoode Landverdervers listig ondermynt en als van trap tot trap naa haaren ondergang gesleept wierd’ (p. 130). De aanhouding leidde echter niet tot een verbod van de Friessche Patriot
Het blad komt eind augustus 1787 abrupt ten einde. Dit heeft mogelijk te maken met het vertrek van een aantal rebellerende leden van de Staten van Friesland, onder leiding van Coert Lambertus van Beyma, uit Leeuwarden naar Franeker. Dit patriottenbolwerk was in staat van verdediging gebracht na geruchten over de cavalerie en infanterie die de Staten op het stadje zouden hebben afgestuurd en over de naderende Pruisische troepen die Oranje te hulp moesten komen.

Bibliografische beschrijving
De afleveringen tellen 8 pagina’s in groot octavo. In het vignet op de titelpagina zijn de rijksappel, het rijkszwaard, de Mercuriusstaf en de bazuin van de godin Faam opgenomen. De nrs. 1-18 zijn niet gedateerd. Deel 1 wordt voorafgegaan door een Voorrede en een inhoudsopgave.
De royale opmaak van een aantal afleveringen verraadt een gebrek aan kopij.

Boekhistorische gegevens
Blijkens de colofons t/m nr. 33 (10 mei 1786) zat Boltjes aanvankelijk in het centrum van de stad, ‘over den Brol’. Daarna blijkt hij te zijn verhuisd naar de nabij gelegen Peperstraat. Het impressum luidt dan: ‘Te Leeuwarden, By Joh. Boltjes, Boekverkooper in de Peeperstraat’.
De advertentie in de Leeuwarder Courant van 8 oktober 1785 noemt als overige verkoopadressen:

te Harlingen by van der Plaats, Franeker Romar, Sneek Zeilstra, Dokkum Brouwer, Bolsward Achenbag, op ’t Heerenveen Roorda, en te Groningen by Huizing en Groenewoudt.

Dat het blad ook ver buiten Friesland verkrijgbaar is, blijkt uit onder meer uit de Oprechte Nederlandsche Courant van 18 maart 1787, waar de Amsterdamse boekverkopers D. Schuurman en J. Verlem als distributeurs worden genoemd.
Prijs: 1 stuiver.

De Friessche Patriot vond gretig aftrek, zo stelt Smit (1987). Dit blijkt onder meer uit de herdruk van de eerste nummers die Boltjes in de Leeuwarder Courant van 19 november 1785 aankondigt. Toch duurt het nog even voordat de herdruk van nr. 1 verkrijgbaar is (Leeuwarder Courant 18 maart 1786). Ook de advertentie in de Leeuwarder Courant van 4 november 1786 duidt op een gunstig debiet. Hier worden de nog slechts 8 resterende exemplaren van deel 1 aangeboden (à ƒ 2:12), alsmede de titelpagina, voorrede en inhoudsopgave van dit deel.

Medewerkers
Het tijdschrift verscheen anoniem. Smit (1987) zoekt de redacteur in de kring van Boltjes, mogelijk onder de leden van Sociëteit de Fraterniteit van Leeuwarden (waar het vrijkorps bijeenkwam). De mogelijkheid dat de patriottenleider Van Beyma achter de Friessche Patriot zit, wijst hij van de hand, al heeft Beyma vermoedelijk wel losse bijdragen over de ‘bloedplakkaten’ geleverd (in deel 2, nrs. 10 en 13).
De anonimiteit van de redactie bood twee ontslagen medewerkers van Boltjes de kans om zich voor te doen als schrijvers van de Friessche Patriot en zelf met een Patriot te beginnenIn ferme bewoordingen protesteert Boltjes hiertegen in de Leeuwarder Courant van 11 februari 1786:

Terwyl zich niet ontzien hebben, (twee Proef Corrigeerders van de FRIESSCHE PATRIOT, die door den uitgever zyn bedankt om byzondere reeden,) zich op te werpen als Schrijvers van de Friessche Patriot, en van voornemens zyn een Patriot uittegeven by J. v.d. Haak, welke Schryvers indien dat Week blad Valschelyk vervolgd word, door den Uitgeever van dit Werk publicq zullen worden gemaakt. Zo Adverteerd de ondergetekende [Boltjes], dat het zelve Week blad by den Uitgeever van de voorige Nommers zal worden vervolgd.

Een jaar later, toen Boltjes op 16 januari 1787 door het Hof van Friesland op het matje was geroepen om zich te verantwoorden over twee van zijn uitgaven, deed men van overheidswege ook een poging de identiteit van de redactie te achterhalen. In de Oprechte Nederlandsche Courant van 31 januari 1787 staat hierover het volgende relaas:

Men had hier een jong Boekverkooper voor, die Uitgeever was van een Weekblad, dat hun [de commissarissen van het Hof] lang had verveeld, nadien de handelwys van onze Friesche Heertjes, daar al te zeer ten toon wierd gesteld. Men dagt den man nu lichtelyk te kunnen verstrikken, om achter de zaak te komen, wie of de Schryvers, van het Weekblad, de Friessche Patriot waren. Beter tyd was ‘er nu niet geboren, men had nu de Uitgever, men wilde hem nu zien te vangen: men hield den Boekverkoopere enige passagies voor uit No. 13, 14 en 16, van het 2de Deel, doch de Boekverkooper BOLTJES verklaarde, geen genoegzame kunde te bezitten, om die stukken te beoordelen; waaröp men hem dan wilde afvergen, om de Schryvers bekend te maken; doch den Heer BOLTJES was daar toe niet te overreden, en verklaarde, indien Hun Ed. Mog. ‘er iets in konde vinden dat leugenächtig, rustverstoorende, of in de termen van de bekende Bloed Plakaten was vallende, Hun Ed. Mog. dezelve stukken dan geliefden op te geven, dat de Schryvers ten allen tyde aannemen dezelve stukken op hunne namen te zullen defendeeren […].

Ofwel: Boltjes gaf geen krimp. Al luidde de uitspraak in juli 1788 wel dat hij voor twee jaar werd verbannen. 
In de Voorrede wordt overigens gesproken van ‘Correspondenten [die de redactie] ten nutte van ons lieve Vaderland behulpzaam’ zijn. Hiermee worden bedoeld de schrijvers van de vele ingezonden brieven: patriotten uit Friesland en elders, die zich schuilhouden achter initialen of pseudoniemen. In het aangehaalde bericht uit de Oprechte Nederlandsche Courant meldt de overigens goed geïnformeerde schrijver daarvan ‘dat de Patriot door vele aanzienlyke persoonen in Friesland word geschreven’.
Een aantal brieven is wellicht door de redactie zelf geschreven. Smit (1987) telt zo’n 150 inzenders. Nadrukkelijk stelt de redactie in de Voorrede zich het recht voor te behouden om namens de drukker stukken te weigeren, aangezien alleen deze – en niet de anonieme correspondenten – voor de inhoud aansprakelijk kan worden gesteld.

Inhoud
Regionaal patriots opinieblad, dat fungeerde als forum waar patriotten hun ongenoegen over het overheidsbeleid konden uiten. De ingezonden brieven – in de vorm van vertogen, samenspaken, dichtstukjes – krijgen slechts sporadisch een uitgebreid antwoord van de redactie.
In de Voorrede, geschreven na afloop van de eerste jaargang, worden de bedoelingen van de redactie uiteengezet. Alles wordt geplaatst mits de bijdragen niet ‘stekelachtig’ zijn of met de godsdienst spotten. De bijdragen moeten ‘het Heile onzes Vaderlands’ bevorderen.
Onderwerpen zijn de maatschappelijke en economische achteruitgang, die te wijten is aan het baatzuchtig bewind van de oligarchie, in casu de stadhoudersgezinde aristocratie. Er wordt gepleit voor ‘grondwettige herstelling’ van alle oude rechten en privileges waarmee burgers invloed konden uitoefenen op de macht. Dit betekent voor de contribuanten van de Friessche Patriot: vrijheid van meningsuiting en drukpers, het recht om zich te bewapenen middels vrijkorpsen, en stemrecht.
Radicale vertogen laten vooralsnog op zich wachten. Maar na de resoluties van de Staten van Friesland op 25 september 1786 wordt de toonzetting scherper. De redactie verzet zich in ferme bewoordingen tegen deze ‘bloedplakkaten’, waarin schutterijen en vrijkorpsen aan banden worden gelegd en patriotse nieuwpapieren verboden worden.

Relatie tot andere periodieken
Tegenhanger van de Leeuwarder Courant. 
Smit (1987) noemt de Franeker Historische Courant (1787) wat de patriotse inhoud betreft de opvolger van de Friessche Patriot.

Exemplaren
¶ Den Haag, Koninklijke Bibliotheek: KW 556 J 84-85
¶ Full text deel 1 en deel 2 

Literatuur
¶ Franck Smit, ‘Mijnheer de Friessche Patriot! De politieke pers in Friesland 1780 1787’, in: Wiebe Berg (red.), For uwz lân, wyv en bern. De patriottentijd in Friesland (Leeuwarden 1987), p. 111-126.

Rietje van Vliet