Galanten Mercurius (1684)

Titelbeschrijving
Den Galanten Mercurius, Voort-brengende VVonderlijcke Geschiedenissen, Deftige Staets-Redenen, Aerdige Bejegeningen, Verscheyde Boerteryen, Notable Spreucken, Verstandige Brieven, ende Verschiet van Poëzy. Beginnende met den eersten Januarij 1684.

Periodiciteit
De enig bewaard gebleven aflevering draagt als datum 1 januari 1684. De opzet lijkt op die van een maandblad: de aflevering eindigt met de dagtekening ‘Hage den laetsten Januarij 1684’.

Bibliografische beschrijving
De aflevering omvat 24 genummerde pagina’s in kwarto, inclusief de titelpagina (met groot fleuron) en het motto op de versozijde: ‘Integer vitae, scelerisque purus. / Non eget Mauri Jaculis, nec arcu’, met daarbij als vertaling: ‘Die wel en goet is in sijn leven, / Hoeft voor geen Swaert of Pijl te beven’.

Boekhistorische gegevens
De titelpagina vermeldt: ‘Gedruckt in ’t Jaer 1684’. Blijkens de dagtekening op p. 20 moet het periodiek in ieder geval geschreven zijn te ’s-Gravenhage. Gezien het assortimentslijstje van de Haagse boekverkoper Abraham Troyel, midden in het blad, zou hij de drukker/uitgever kunnen zijn.

Inhoud
De periodiek is geschreven in de vorm van een brief, met als aanhef ‘Mijn Heer’, waarin de lezer een gelukkig nieuwjaar wordt toegewenst en getrakteerd wordt op ‘een Relaes van ’t remarquabelste dat ick in dese koude Maent hebbe geannoteert en aengemerckt’ (p. 2).

De nieuwsberichten beginnen steeds met een grote begininitiaal en zijn van elkaar afgescheiden door een regel wit. De inhoud varieert sterk. Zo zijn opgenomen het gedicht ‘Bede en Dancksegginge van de Arme Weesen’, van Pieter Rabus, met commentaar daarop (p. 4-7); een lang bericht over Reinier Berckelbach, beëdigd solliciteur-militair te Den Haag, die als procuratiehouder de uitbetaling van de soldij regelde maar die daarover met kapitein William Saxby in conflict was geraakt (p. 7-10); een gedicht naar aanleiding van de luxueuze bruiloft van ene Bohan, kapitein en luitenant-kolonel van de garde van Willem III met de dochter van Johan van Campen, griffier van het Hof van Holland (p. 11-12); het Haagse verbod van L’esprit de mr. Arnaud (1684) (p. 12); een Londons geval van bigamie (p. 13); een lijstje Franse boeken die bij Abraham Troyel verkrijgbaar zijn (p. 13); een Frans gedichtje met vertaling over trictrac (p. 14); een bericht over de uitvinding van ingenieur Paul Storf de Bellville (p. 15); de gevangenschap van graaf Nikolaas Serini (p. 16); wreedheden begaan door Franse troepen buiten Gent (p. 16); koppermaandag  en de bijbehorende eedaflegging (p. 17); liedjes pro en contra de stadhouder (p. 17-18); het verhaal van Eva Cohen uit Delft, die na haar bekering tot het christelijke geloof (Londen, 10 oktober 1680) door toedoen van haar moeder vervolgd werd, hetgeen leidde tot een geruchtmakend proces te Den Haag (p. 18-24).

Exemplaren
¶ Den Haag, Koninklijke Bibliotheek: pflt 12250
Full text

Rietje van Vliet