Genees- Heel- Artzeny- en Vroedkundig Magazyn (1782-1784)

Titelbeschrijving
Genees- Heel- Artzeny- en Vroedkundig Magazyn. Eerste [tweede] deel. Uitgegeven door Martinus Pruys en Lambertus Nolst, Medicinae Doctores te Rotterdam.

Periodiciteit
De auteurs wilden iedere drie maanden een aflevering (‘stukje’) doen verschijnen. Mocht het debiet tegenvallen, aldus de Voorrede in deel 1, dan zouden ze het blad acuut beëindigen.
De eerste aflevering moet in eind 1782 het licht hebben gezien. In de eerste ‘Naamlyst van eenige nieuwe boeken’ van de Nieuwe Genees- Natuur- en Huishoud-kundige Jaarboeken van 1783 wordt nr. 1 van het Magazyn aangekondigd als zijnde reeds verschenen.
Op 7 november 1783 adverteerde de uitgever in de Leydse Courant dat met het verschijnen van nr. 4 het eerste deel inmiddels compleet was. Toch zou het, getuige het impressum van dit deel, nog tot 1784 duren voordat de titelpagina beschikbaar was.
Door het ontbreken van de titelpagina van het enig bekende exemplaar van deel 2 is niet duidelijk wanneer de resterende afleveringen van de pers zijn gekomen.

Bibliografische beschrijving
In octavo.
De afleveringen zelf hebben in het titelblok de verkorte titel; datum en volgnummer ontbreken. Direct onder het titelblok staat de titel van de eerste verhandeling, waarna de tekst volgt. Achterin bevindt zich een inhoudsopgave.

Boekhistorische gegevens
De titelpagina meldt: ‘Te Rotterdam, By J. Krap A.Z.’

Medewerkers
De redactie werd gevormd door de Rotterdamse medici Martinus PRUYS (†1830) en Lambertus NOLST (geboren ca. 1756). Bijdragen van collega’s uit het land werden ingewacht, ongeacht of het vertalingen of oorspronkelijk werk betrof.

Inhoud
De schrijvers beoogden met deze geneeskundige periodiek, aldus de Voorrede, een overzicht te bieden van de vorderingen van de medische wetenschap. Hun doelgroep bestond uit collega’s die geen vreemde talen beheersten of niet in staat waren buitenlandse vakliteratuur aan te schaffen. Weliswaar waren er al geneeskundige tijdschriften op de markt – de Genees- Natuur- en Huishoud-Kundige Jaarboeken (1778-1782) en het Genees- Natuur- en Huishoud-Kundig Kabinet (1779-1782) van Jacob Voegen van Engelen – maar daarin stonden naar verhouding meer natuur- en huishoudkundige verhandelingen dan geneeskundige.
Pruys en Nolst wilden zich dan ook beperken tot zuiver geneeskundige waarnemingen, afkomstig uit (voornamelijk) buitenlandse tijdschriften. Hun keuze werd gedicteerd door het belang dat het onderwerp heeft voor de genees-, heel, artzenij- en vroedkunde. De actualiteit van de verhandelingen was op zichzelf niet van belang; wel de kwaliteit. In het blad konden dus ook verhandelingen van oudere datum worden aangetroffen.
Verder hoefde de lezer geen boekenlijsten, prijsvragen of andere berichten van academies van wetenschappen te verwachten.

Exemplaren
¶ Amsterdam, Universiteitsbibliotheek: O 62-9926 (deel 1)
¶ Utrecht, Universiteitsbibliotheek: Mil. Hosp. N 132 (deel 2)
¶ Full text deel 1

Literatuur
¶ C.C. Delprat, Geschiedenis van de Nederlandsche geneeskundige tijdschriften van 1680 tot 1857 (Amsterdam 1927), p. 87-90.

Rietje van Vliet