Harlequin met de Rarikiek (1714-1720)

Titelbeschrijving
In het titelblok staat steeds bij de hieronder vermelde titels de naam van de auteur genoemd, zoals Jan van Gyzens Harlequin, met de Rarikiek. De titel varieert per aflevering:

Nr. 1. Harlequin, met de Rarikiek: van Barleduk naar de Amsterdamse Kermis, vertoonde [sic] de toestand in Grootbrittannien 
Nr. 2. Bekeerde Zingende Harlequin, met de Rarikiek: van de Amsterdamse Kermis, naar Groot-Brittannien, No. 2 
Nr. 3. Verwonderde Harlequin, met een halve Rarikiek: in Grootbrittanjen 
Nr. 4. Swervende Harlequin, zonder Rarikiek: in Grootbrittanjen 
Nr. 5. Bedroefde Harlequin, met een gebrooke Rarikiek: in Grootbrittanjen 
Nr. 6. Herstelde Harlequin, met de opgelapte Rarikiek: in Grootbrittanjen 
Nr. 7. Verleege Harlequin, met de Rarikiek: in Schotland 
Nr. 8. Disperaate Harlequin, met de verborge Rarikiek: in Schotland 
Nr. 9. Verkwikte Harlequin, met de herstelde Rarikiek: In Schotland. Verhalende de Aankomst, Verrigting, en Vertrek van den Pretendent aldaar 
Nr. 10. Harlequin, Met een Nieuwe Rarikiek: In Londen. Vertoonende de Dood van de Graaven Derwentwater en Kenmuure, nevens de vlugt van de Lord Nietisdaalen
Nr. 11. Afgeperste Harlequin, met de Raaikiek [sic]: Op de Amsterdamse Kermis. Verhaalende al zyn wedervaaren t’zeedert laatst 
Nr. 12. Wispeltuurige Harlequien, met zyn Rarikiek In Groot-Brittanjen. Vertoonende op een Boertige wys, alles wat’er is gepasseert in het Vryspreeken van de Graaf van Oxfort
Nr. 13. Gewaapende Harlequin, met zyn Rarikiek; Verhaalende op een Boertige Wys alles wat’er is gepasseert in en om Belgrado 
Nr. 14. Gewaapende Harlequin, Rydende op een Kameel; Verzelschapt met zyn Turksche Slaaf, naar de Amsterdamse Kermis 
Nr. 15. Gevangen Harlequien, Verhaalende de Nederlaag der Spaansche Oorlogs Vloot
Nr. 16. Omzwervende Harlequin, Met zyn Rarekiek, Verhaalende het Koopen en Verkoopen van de Actien, Zo in Hoorn als in andere Plaetsen 
Nr. 17. Disperaete Harlequin, Over het verliezen van zyn geld, en goed door de Acties

Periodiciteit
De Harlequin verscheen zeer onregelmatig en het is goed mogelijk dat er meer zijn geweest dan er overgeleverd zijn. Nummers 1-2 verschenen in 1714, nrs. 3-8 in 1715, nrs. 9-11 in 1716, nrs. 12-14 in 1717, nr. 15 in 1718 en nrs. 16-17 in 1720.
De afleveringen zijn in het colofon op jaar gedateerd, behalve nrs. 12-14, die alleen in eigentijds handschrift op jaar (1717) zijn gedateerd. Nummer 17 is als enige in druk in het colofon exact gedateerd: 10 oktober 1720. 
Van de geraadpleegde exemplaren zijn sommige colofons in een niet altijd leesbare, eigentijdse hand nader op maand en dag gedateerd, in cijfers. Helaas zijn sommige afleveringen later zo afgesneden, dat het colofon, inclusief eventuele nadere datering, gedeeltelijk verloren is gegaan. De resterende gegevens plus de inhoud van de afleveringen leveren de volgende lijst van (vermoedelijke) verschijningsdata op (NB de afleveringen van 1715 zijn in het geraadpleegde exemplaar in een andere volgorde gebonden):

Nr. 1. [5 oktober] 1714
Nr. 2. [oktober(?)] 1714
Nr. 3. [2(?) juni] 1715
Nr. 4. [? juni] 1715
Nr. 5. [27 juli] 1715
Nr. 6. [september] 1715
Nr. 7. [september] 1715
Nr. 8. [december] 1715
Nr. 9. [12 maart] 1716
Nr. 10. [27 maart] 1716
Nr. 11. [24 september] 1716
Nr. 12. [26 juli 1717]
Nr. 13. [7(?) september(?) 1717]
Nr. 14. [27 september(?) 1717]
Nr. 15. [14 september] 1718
Nr. 16. [eind augustus/begin september] 1720
Nr. 17. 10 oktober 1720

Bibliografische beschrijving 
Elke aflevering telt 4 pagina’s in kwarto en heeft Van Gijsens naam en ‘wapenschild’ in het titelblok. Dit wapen had hij eind 1711 van een enthousiaste Merkurius-lezer cadeau gekregen. In de jaren 1714-1716 ontbreken de bij dat wapen behorende initialen, I, V, G. 
Behalve nr. 2, zijn alle afleveringen ongenummerd. De nrs. 7 en 15-17 zijn gepagineerd, steeds van 1 t/m 4. De andere afleveringen zijn ongepagineerd. De tekst, in twee kolommen gezet, begint direct onder het titelblok.

Boekhistorische gegevens 
Colofon nrs. 1-11, 15-17: ‘t’Amsterdam, Gedrukt, by Jacobus van Egmont, boekdrukker en boekverkoper, op de Reguliers Breestraat, in de Nieuwe Drukkery’, gevolgd door jaartal. 
Colofon nrs. 12-14: ‘t’Amsterdam, gedrukt by Jacobus van Egmont’, zonder jaartal (maar ‘1717’ in handschrift toegevoegd).

Medewerkers 
Auteur was Jan VAN GIJSEN (1668-1722). Van Gijsen, geboren in Haarlem, verhuisde in 1699 naar Amsterdam, waar hij vanaf dat jaar tot zijn dood in de Jordaan woonde. Van beroep was hij wever en dat was zijn broodwinning tot waarschijnlijk halverwege 1709.
In 1706-1707 schreef hij echter al versjes voor de Antwerpsche Post-tydinge, toen in de wandeling beter bekend als de Antwerpse Courant. Van sommige reeksen versjes bestaan nog losse verzameluitgaven, gedrukt door Cornelis van Hoogenhuyzen in de Egelantiersstraat. Deze was van 1706 tot zomer 1710 Van Gijsens reguliere drukker-uitgever. Bij hem gaf hij Van Gijsen zijn eerste reeks harlequins uit: Harlequin met de Rarekiek (1709-1710). Vermoedelijk werd Van Gijsen voor zowel de Courant-versjes als de Harlequins betaald.
In 1710 schreef van Van Gijsen nog een reeks versjes voor de Antwerpse Courant, maar in september van dat jaar stopte hij definitief bij de Courant en begon bij Van Egmont met de Amsterdamsche Merkurius. Vanaf 1710 profileerde Van Gijsen zich uitdrukkelijk als ‘broodpoëet’. Hij schreef gelegenheidsgedichten op bestelling, stelde liedjesbundels samen en schreef afzonderlijke pamfletachtige gedichten over de actualiteit. Op 28 januari 1722 verscheen nr. 23 van de tiende Merkurius-jaargang. De volgende dag overleed Jan van Gijsen. Op 3 februari 1722 werd hij begraven op het Karthuizer Kerkhof.

Inhoud 
Alle Harlequins zijn geheel op de actualiteit gericht. De nrs. 1 t/m 12 betreffen voornamelijk gebeurtenissen in Engeland na de dood van Queen Anne (1 augustus 1714) en onder haar opvolger, George I (gekroond 31 oktober 1714). De meeste gaan over het wel en vooral het wee van de Jacobieten, met name hun invasie in Schotland (1715/16) en, in de nasleep van wat in feite een mislukte machtsgreep was, de arrestatie van sommige betrokkenen en de vlucht naar Frankrijk van andere. Vooral James Francis Edward Stuart, zoon van de verdreven Engelse koning Jacobus II en bijgenaamd ‘de Pretender’, en zijn volgelingen, de Jacobieten, zijn mikpunt van spot en hoon.
De nrs. 13-14 gaan over de inname door het Oostenrijkse leger van Belgrado (1717) in de Oostenrijks-Turkse oorlog (1716-1718), terwijl nr. 15 een late nasleep van de Spaanse Successieoorlog betreft. De nrs. 16-17 gaan over de actiehandel.
De tekst is berijmd en, als gebruikelijk in dit genre, gegoten in de vorm van dialogen. En zoals een harlequin betaamt, is de toon badinerend. Harlequin spreekt, ook als gebruikelijk, Nederlands met een zwaar Frans accent. In de onderhavige afleveringen vertegenwoordigt hij echter niet, zoals tijdens de Spaanse Successieoorlog, het vijandelijke Franse element, maar is veeleer een man die met zijn rarekiek munt uit de gebeurtenissen probeert te slaan. Zijn Nederlandse gespreksgenoot Jaap is degeen die kranten leest en met zijn informatie Harlequin voorziet van onderwerpen voor zijn rarekiek.

Relatie tot andere periodieken 
Niet te verwarren met Van Gijsens eerste reeks harlequins, de Harlequin met de Rarekiek (1709-1710).
In de na Van Gijsens dood verschenen Samenspraak gehouden in de and’re waereld (1722) laat de auteur Van Gijsen tegen Pook (1675-1714), auteur van drie befaamde Harlequins (1708), zeggen: ‘U Harlequienen zyn van niemant nog verbeeterd’. Pook wordt dan dit antwoord in de mond gelegd:

Gy hebt me daar nogtans meê na den broek geveeterd,
En meenig Harlequien geschreven na myn dood,
Dog ’t scheelden al zo veel dan klatergoud by loot,
Gy hebt van ’t Waals myn Vrind geen oude Kaas gegeeten.

Dat had hij, Pook, beter gedaan. Voor de goede orde: ook bij Pook heet Harlequins gespreksgenoot Jaap.
In Van Gijsens Disperaate Harlequin (1715) klaagt Harlequin dat het in ‘Olland’ krioelt ‘van Harlekienen,/ De Luy hum wilse niet meer siene’. In hoeverre dit een overdrijving is, is onbekend.

Exemplaren 
¶ Amsterdam, Universiteitsbibliotheek (Bijzondere Collecties): OTM O 86-9 (nrs. 1-14); Pfl. N r 15 (= nr. 15); O 87-8 (nrs. 16-17, meegebonden bij Van Gijsen, Amsterdamsche Merkurius, deel 9, tussen resp. nrs. 29/30 en 32/33).
¶ Full text nrs. 1-14, nr. 15, nr. 16 en nr. 17

Bronnen
¶ [Jacobus Rosseau], Samenspraak gehouden in de and’re waereld, tusschen Jan van Gyzen, en eene and’re versturve poeëten (Amsterdam, Jacobus van Egmont, 1722).

Literatuur
¶ Ivo Nieuwenhuis, ‘Politiek op de kermis. Het genre van de gefingeerde rarekiekvertoning’, Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman 39 (2017), p. 1-16.

Anna de Haas