Jonge Argus (1797)

Titelbeschrijving
De Jonge Argus.

Periodiciteit
Woensdags weekblad waarvan slechts de nrs. 2-5 bewaard zijn. Méér is niet verschenen want Saakes, die in zijn Naamlijst van mei 1797 de eerste aflevering meldt (p. 351), noemt in december 1797 (p. 408) slechts vijf afleveringen. Een zesde nummer werd nog wel aangekondigd in nr. 5 van de Jonge Argus.

Bibliografische beschrijving
Elke aflevering, in octavo, bevat 8 pagina’s. De resterende afleveringen zijn gepagineerd 9-40. Het titelblok bevat slechts titel en nummeraanduiding.

Boekhistorische gegevens
De meest uitgebreide colofon is te vinden in nr. 3:

Te Amsterdam by Ph. Van Leeuwen Jr., in de Luciënsteeg, – te Haarlem by Kampman, en van Abs. – Leiden van Thoir en Perk. – Rotterdam Cornel, Hofhout, Wyt, Holstein en anderen. – ’s Hage Klis en Leeuwenstein. – Delft Poelman. – Utrecht Yzerworst, Otterloo, en de Wed. Terveen, en Zoon. – Groningen Veenkamp en Groenewout. – Leeuwaarden, van Sli[gh]; en verder alöm, by de voornaamste Boekhandelaaren, in Nederland, waar dit Blad alle Woensdagen word uitgegeeven, à één en een halve Stuiv.

Saakes meldt in mei resp. december 1797 dat nr. 1 ƒ 0:1:8 moest kosten en vijf afleveringen samen ƒ 0:7:8.

Medewerkers
Op basis van een toeschrijving in het blad De Weerlicht, op 16 mei 1797, is altijd aangenomen dat de orangist Philippus VERBRUGGE (1750-1806) de auteur is van de Jonge Argus. Deze werd, wegens eerder publicaties, op 26 april veroordeeld tot gevangenschap in het Rasphuis te Amsterdam waarin hij tot 1801 zou verblijven. Waarschijnlijk bepaalt de datum van dat vonnis tevens het tijdstip waarna de Jonge Argus niet meer verschenen kan zijn.
Overigens is het niet onredelijk aan te nemen, gezien de titel, dat Verbrugge tevens de auteur is geweest van de Argus (1796-1797).

Inhoud
Op ironische wijze worden allerlei patriotse ideeën en gedragingen besproken. Zo wordt erop gewezen dat de recent overleden patriotse voorman Pieter Paulus allerlei ideeën over de beste regeringsvorm heeft gehad; maar democratie hoorde daar, tot zeer onlangs, nooit bij. Jubeltonen over de komende vrede zijn onzin: er komt geen vrede met Engeland.
In de vorm van een aan Argus gezonden brief door de rijke mevrouw Cornelia van Schalkenstein wordt het gedrag van het gewone volk gelaakt. Dat gedraagt zich maar of het de souverein is. Bij concerten mogen slechts simpele instrumenten gebruikt worden. Bouwlieden spuwen pruimtabak op haar tapijten en haar pruikmaker weigert op tijd te komen. Hij is nu immers gekozen volksvertegenwoordiger en is elders gewichtig aan het doen.

Exemplaren
¶ Den Haag, Koninklijke Bibliotheek: 939 G 51 (nrs. 2-5)
Full text

Literatuur
¶ Pieter van Wissing, In louche gezelschap. Leven en werk van de broodschrijver Philippus Verbrugge (1750-1806) (Hilversum 2018).
¶ Pieter van Wissing, ‘De kwaadaardige bedrijven van Philippus Verbrugge […]’, in: C. van Heertum e.a. (red.), De andere achttiende eeuw […] (Nijmegen 2006), p. 147-165, vooral p. 162.

André Hanou