Kluyzenaar in een Vrolyk Humeur (1733)

Titelbeschrijving
Den Kluyzenaar in een Vrolyk Humeur. Door Jakob Campo Weyerman. Terra malos homines nunc educat, atque pusillos. [vert. De aarde onderhoudt tegenwoordig slechte lieden en mensen van een twijfelachtig soort] Juvenalis Satyra 15.

Periodociteit
Maandags weekblad waarvan 29 afleveringen zijn verschenen. Op de laatste bladzijde (p. 240) neemt de schrijver afscheid en deelt mee dat de Kluyzenaar omstreeks 12 oktober verkrijgbaar zal zijn (hij zal doelen op het katern met de titelpagina en de opdracht).
Op p. 169 vindt men de mededeling dat de schrijver een dag of zes in Utrecht is geweest; daardoor is zijn papier ‘verachterd’. Gezien deze en mogelijk andere vertragingen zal het blad zijn verschenen vanaf ongeveer begin 1733. In ieder geval is een advertentie voor het blad al te vinden in de Leydse Courant van 2 februari 1733.

Bibliografische beschrijving
Uitgave in kwarto, bevattend VIII + 240 pagina’s. Het voorwerk heeft een titelpagina en een door Weyerman zelf ondertekende ironische opdracht aan de baron van Syberg, vervolgd met een tirade tegen ds. Pieter Poeraet. Op de titelpagina is een vignet afgebeeld van een kluizenaar onder geboomte, met het legendum ‘Meditando et legendo’ (vert. Door te mediteren en te lezen).
Elke aflevering bevat acht bladzijden. Het titelblok geeft steeds, na de nummeraanduiding, de titel Den Kluyzenaar in een Vrolyk Humeur, vanaf nr. 6 aangevuld met Door Jakob Campo Weyerman.

Boekhistorische gegevens
Titelpagina: ‘Te Utrcht [sic], By Anselmus Muntendam, Boekdrukker in de Boterstraat’. Op p. 6 verzoekt Weyerman brieven en vragen in te sturen via deze Muntendam.
Colofon nr. 1:

Deze Kluyzenaar in een vrolyk humeur, Zal alle maandagen te bekomen zyn: te Amsterdam, by A. Outgers, en Willem van Egmondt; te Rotterdam, J.D. Beman; Delft, van der Kloot; ’s Gravenhage, Cornelis Boucquet; Leyden, G. Potvliet; Utrecht, J. v. Lanckom, &c.

Hieraan worden vanaf nr. 6 Muntendam en J. Paddenburg toegevoegd.

Medewerkers
De auteur is de journalist en broodschrijver Jacob Campo WEYERMAN (1677-1747). Hij woonde op het moment van schrijven in Vianen. In het blad staan talrijke verwijzingen naar deze plaats.

Inhoud
In dit blad worden vele indertijd bekende Nederlanders, of zelfs internationaal bekende figuren zoals de baron van Syberg en Weyermans oude kennis de graaf de Bonneval, kritisch gevolgd: de baron van Waveren (ds. Hoogerwaart), Pieter Poeraet, de Delftse Courantier en de Hollandsche Historische Courant, generaal-majoor Ferguson, advocaat Bernagie en vele anderen.
Bijzondere aandacht is er voor het blad Le Glaneur door Jean Baptist de la Varenne (p. 55, 85, 91, 93, 119, 126, 139, 161, 217, 227, 238). Er worden ook kleine verhandelingen gewijd aan bloemen, kookkunst, vrijheid, dood, en zelfs tandenstokers. De rooms-katholieke clerus krijgt veel te lijden.
Dit alles wordt aan de orde gesteld in velerlei vorm: een vertoog, een gesprek, een droom (de auteur wordt vaak bijgestaan door ‘een spook’ dat hem naar vele locaties voert), een liedje, een sprookje (d.i. verhaal), een brief, ‘boeknieuws’ en geleidelijk aan vooral commentaar op krantennieuws.
De auteur lardeert zijn verhalen met vertalingen van Horatius. Er zijn ook enkele biografieën van schilders opgenomen.

Exemplaren
¶ Leiden, Universiteitsbibliotheek: 1191 D 21
Full text

André Hanou