Procureur van het Volk (1797)

Titelbeschrijving
De Procureur van het Volk.

Periodiciteit
Woensdags weekblad, waarvan slechts de eerste zeven afleveringen (4 januari 1797 – 16 februari 1797) bekend zijn.

Bibliografische beschrijving
Uitgave in octavo. Elke aflevering telt acht pagina’s. Het geheel is doorgepagineerd 1-56. Het titelblok geeft eerst de titel, daarna een vignet met een dubbelkop, tenslotte de nummer- en datumaanduiding.

Boekhistorische gegevens
Colofon nr. 1:

Dit Weekblad zal alle Weeken des Woensdags à een en een halve stuiver werden uitgegeven, te Amsteldam by Verlem & Comp. van Kesteren, Briet, Wynands, Kuiper, van der Kroe, en Scheffer, te Rotterdam by van Santen, van den Dries, en D. Vis, in den Haag van J. Plaat en Leeuwenstein. En verder alomme.

Medewerkers
De bijdragen en ingezonden brieven zijn vaak ondertekend met fictieve namen als Batavus, of Jan de Suffer. Reële personen gaan echter misschien schuil achter J.G., B.R. en I.R.

Inhoud
Het eerste nummer opent met een verklaring over het vignet. Het is een dubbelkop, zoals in de Janus van 1787, evenwel met een neutrale expressie zodat het niet mogelijk is hierin bijvoorbeeld tevens Heraclitus en Democritus te herkennen:

de twee aangezigten zullen my de behulpzaamen hand bieden, om my alles van beiden zyden te doen zien’. Desondanks verklaart de schrijver zich in zekere zin partijdig. Hij wil laten zien wat de ‘grondzuilen’ zijn waarop het gebouw van de staat gevestigd moeten zijn. Hij wil de schermen van het republikeins toneel wegtrekken en tonen hoe zich acteurs vermomd hebben ‘om in schyn de Rol van een volks vriend te speelen.

Hiermee blijkt de schrijver tot de radicaler patriotten (democraten) te behoren. Hij steunt het adres van het Bataafse volk om een constitutie te eisen op grond van de een- en onverdeelbaarheid.
In het vervolg behandelt hij onderwerpen als de situatie rond oorlogsschepen en de hernieuwde verkiezingen voor de provinciale besturen. Hij meent dat er onmiddellijk na de revolutie veel drastischer maatregelen tegen allerlei regenten genomen hadden moeten worden. Hierbij schroomt hij af en toe niet man en paard te noemen.
Het blad begint met vertogen, maar neemt geleidelijk aan steeds meer ingezonden brieven op, waarna commentaar volgt. Er wordt ook gebruikt gemaakt van andere genres, zoals een droom en historische anekdotes.

Exemplaren
¶ Amsterdam, Universiteitsbibliotheek: Y 1341 (2)

André Hanou