Spiegel der Natie (1814)

Titelbeschrijving
Spiegel der Natie. Een Onpartydig Maand-Blad, waarin dingen te vinden zijn, die men te vergeefs in Couranten zal zoeken.

Periodiciteit
Van dit maandwerk zijn 3 gedateerde afleveringen bekend: 1 januari, 1 februari en 1 maart 1814. Vermoedelijk is het bij dit aantal gebleven.

Bibliografische beschrijving
De afleveringen tellen 16 pagina’s in groot octavo; exclusief het ‘Bijvoegsel’ van nr. 1, dat 7 afzonderlijk genummerde pagina’s bevat.

Boekhistorische gegevens
Blijkens de advertentie in onder meer de Rotterdamse Courant van 4 januari 1814 is het blad uitgegeven door ‘H.C. Susan en Zoon, in de Nieuwe Molstraat, in ’s Hage’. Het ‘Bijvoegsel’ van nr. 1 is gratis verspreid onder de intekenaren (p. 16).
Een aflevering kostte 3 stuivers; de prijs per jaargang bedroeg bij intekening ƒ 1:16.

Inhoud
Een Haags gezelschap komt van tijd tot tijd bijeen om vrijuit en onpartijdig te spreken over het nieuws, de kunsten en de wetenschappen. Soms wordt er wat ouds besproken. De zeven leden van het gezelschap worden vervolgens aan de lezer voorgesteld:

Dominé Vreesniet, een beredeneerd Leeraar, Meester Batavus, een Schoolvos van het Nieuwe Licht, de heer Bonnefoi, een gewezen Fabrikant van Beetwortelen, Willem Onverwagt, een nijverig Handelaar, Pieter Rabbelaar, een Oud Volksvertegenwoordiger, en Frederik Dankbaar, een weldenkend Handwerksman.

Hun politieke, zedekundige en godsdienstige opvattingen worden in een gemoedelijke samenspraak te berde gebracht. De bedoeling is dat er in iedere aflevering krantennieuws (wetten, proclamaties, publicaties, besluiten, legerberichten) ter sprake komt, en letternieuws (over diverse onderwerpen uit de geschiedenis en letterkunde, besprekingen, uittreksels, dichtstukken, logogriefen en charades). Al in nr. 1 blijkt dat hiervoor te weinig plaats is.
Wetten worden zakelijk weergegeven, bijvoorbeeld over de ‘algemeene volkswapening’ en benoemingen (nr. 1), en vervolgens besproken door de heren van het gezelschap. De Nederlandse legerberichten hebben betrekking op het verdrijven van de Fransen in diverse provincies. Het Byvoegsel bevat het dichtstuk ‘Aan myn Vaderland; bij de uitzigten op deszelfs redding en herstelling’. Ook kleinere dichtwerkjes worden geciteerd en besproken.
In nr. 2 bevat naast staatsnieuws (Oranjehuis) tevens een historische beschrijving van Scheveningen en het levensverhaal van Napoleon. Er is eveneens plaats voor (fictieve) ingezonden brieven. Verder in nr. 3 is veel aandacht voor de aftocht van de Fransen en recente binnenlandse besluiten, reglementen en decreten. De beschrijving van Scheveningen wordt vervolgd. Raadsels en oplossingen hebben vaak een orangistisch tintje.
Het geheel heeft een gemoedelijke toon, maar heeft een rommelige opzet en is weinig inspirerend. De leden van het gezelschap krijgen nauwelijks een eigen gezicht.

Exemplaren
¶ Den Haag, Koninklijke Bibliotheek: 674 B 228
¶ Full text nrs. 1-3

Rietje van Vliet