Vriend des Volks (1795-1796)

Titelbeschrijving
De Vriend des Volks.

Periodiciteit
Van dit maandags weekblad verschenen 50 ongedateerde afleveringen, die gebundeld werden als één deel. Voor de nrs. 1 en 2 werd in de Leydse Courant van 27 maart 1795 geadverteerd. Het laatste nummer bevat een brief, gedateerd 12 februari 1796. In het colofon wordt gesproken van ‘dit laatste Nommer’. Het einde van het blad moet het gevolg zijn geweest van het vertrek van beide redacteuren naar Holland.

Bibliografische beschrijving
De afleveringen tellen acht doorgenummerde pagina’s in octavo. Onder het titelblok staat meestal een onderwerpsregel. De nrs. 3, 11, 12 en 42 zijn dubbelnummers. Het voorwerk bevat een titelpagina en een ‘Inhoud der vertoogen’ (acht genummerde pagina’s).

Boekhistorische gegevens
De titelpagina heeft als impressum: ‘Te Middelburg, gedrukt by de Weduwen W. en J. Abrahams’. Hun beider naam staat ook achterop iedere aflevering. De prijs per aflevering bedroeg 1½ stuiver.
Volgens de auteurs was het blad populair: ‘Ons weekblad is naauwlyks in ’t licht gekomen, of de aftrek spoort ons aan, om daarmede yverig voort te gaan’ (p. 44).

Medewerkers
Het blad werd geredigeerd door Johannes Henricus VAN DER PALM (1763-1840) en Josué TEISSÈDRE L’ANGE (1771-1853). Beiden gaven, met hun vriend Van Royen, in februari 1795 leiding aan de staatsomwenteling in Zeeland. Spoedig nadat deze een feit was, zijn Van der Palm en L’Ange met de Vriend des Volks begonnen.
De predikant Van der Palm werd in juni 1796 benoemd tot hoogleraar Oosterse letteren te Leiden. Hij ontwikkelde zich tot staatsman en bekleedde van 1799 tot 1805 tevens de functie van minister van Onderwijs. Zijn naam wordt expliciet als auteur genoemd als schrijver van de redevoeringen ‘Op het feest der alliantie tusschen de Fransche en Nederlandsche republiken’ (nr. 20) en ‘Over de volks-gunst’ (nr. 37).
L’Ange werd na de vernieuwing der regering, naast zijn ambt als predikant, secretaris van het provisioneel bestuur van Middelburg. In 1796 werd hij tot predikant beroepen te Haarlem waar hij vanaf 1801 ook schoolopziener was. Van zijn hand zijn de redevoeringen ‘Over het politiek vertrouwen en wantrouwen’ (nr. 38), een openbare brief over het conceptreglement voor het provinciaal bestuur van Zeeland (nr. 47) en een verdediging tegen verdenking en laster (nr. 50).
Verder bevat de Vriend des Volks een redevoering van de Middelburgse advocaat Alexander Johan SINCLAIR (1768-1813), op 9 november 1795 uitgesproken in de Vaderlandsche Sociëteit, ‘Over de pligten van een waar vaderlander en goed burger’ (nr. 39). Ook is er een redevoering afgedrukt van mr. Daniel Willem DE CLIEVER (geb. ca 1747) ‘aan de Veersche gewapende burgery’ (nr. 48), gedateerd 30 december 1795.
De ingezonden brieven zijn met fictieve namen ondertekend, bijvoorbeeld door Gozen de Turfstapelaar, C. Vreesachtig, Mozes Planenmacher, Cornelis Opmerkzaam, C. de Opmerker, H. de Reiziger, Abraham Gul en Cornelis Rechtvaardig.

Inhoud
De auteurs zetten in nr. 1 hun doelstellingen uiteen: schrijven voor het volk, ‘dat is, voor de ingezetenen der Bataafsche Republiek’ (p. 7). Het zijn de volksbelangen ‘die alleen den inhoud onzer vertogen zullen moeten uitmaken, en die ons ook steeds stof genoeg zullen leveren, om nuttig te kunnen schrijven’ (p. 8).
Onderwerpen zijn onder andere burgerlijke gelijkheid, aristocraten en demagogen, de noodzaak van vrije verkiezingen van een volksregering, provisioneel stemmingsreglement van Middelburg, de alliantie tussen de Franse en Bataafse Republiek, de opvoeding der jeugd, slavernij. Hoewel veel aangesneden onderwerpen algemeen van aard zijn, bevatten ze veel specifieke toespelingen op de politieke situatie in Zeeland.
Het vertoog over het ‘Provinciaal Patriotismus’ en de noodzaak van een Nationale Conventie ‘of liever van eene opperste dirigérende Vergadering de gansche Republyk’ laat zien dat de auteurs behoren tot de unitarissen. Uit de geduldige uitleg van allerlei overheidsstandpunten, zoals over het instellen van een Centrale Vergadering, tonen de auteurs zich als verantwoordingsgezinde democratische bestuurders.
De afleveringen zijn gevarieerd van vorm. Er staan samenspraakjes in, ingezonden brieven met antwoorden daarop, ingezonden artikeltjes, redevoeringen, enkele dichtstukjes.
In nr. 22 worden de lezers gewaarschuwd tegen de inhoud van een gedrukte ‘BRIEF AAN DEN VRIEND DES VOLKS, waar van de schryver zich noemt een welmeenenden Vaderlander, en behelzende, volgens de titel, eenige bedenkingen op het provisioneele Stemmings-reglement van kiezers enz.’ (p. 185-192).

Relatie met andere periodieken
De schrijvers in nr. 13 (p. 120) spreken hun waardering uit voor een ander Zeeuws blad, de Vriend der Deugd (1795).

Exemplaren
¶ Leiden, Universiteitsbibliotheek: 478 F 35
Full text

Literatuur
¶ W.P. Abrahams, De pers in Zeeland 1758-1900 (’s-Gravenhage 1912), p. 92-107.

Rietje van Vliet