Waare Godsdienstvriend (1802)

Titelbeschrijving
De Waare Godsdienstvriend. (Van No. 1-16.)

Periodiciteit
Het weekblad is na nummer 16 gestopt wegens gebrek aan belangstelling. Dit staat glashelder geformuleerd op de allerlaatste bladzijde, als laatste mededeling:

Naschrift. Nadien ons de Drukker en Uitgever dezer bladen heeft verzekerd, dat het gering debiet van dezelve hem noodzaakte den verderen voordgang te staken – maaken wy met dit ons geschryf een einde – en bedanken hier mede de Lezers en Lezeressen, welke ons met hunne genegenheid vereerd hebben.

Bibliografische beschrijving
Iedere aflevering bevat 8 pagina’s in octavo. De paginering loopt door over de nummers heen, tot en met p. 128. Elke aflevering heeft aan het begin een herhaling van de titel, een nummeraanduiding en een motto (vrijwel altijd ontleend aan de bijbel).

Boekhistorische gegevens
De uitgever is blijkens het impressum van de titelpagina Bernard Antoine Fallee, te Den Haag. Dit wordt bevestigd door het colofon van nr. 1:

Gedrukt in den HAAG by B.A. FALLEE; en word bij denzelven en bij alle Boekhandelaaren aldaar, alle DONDERDAGEN, voor één en een halve stuiver uitgegeven. En is voords te bekomen: Te AMSTERDAM bij van der Kroe, Saakes en Wijnants; ROTTERDAM bij D. Vis, Hofhout en Zonen en Cornel; DORDRECHT A. Blusse en Zoon; LEYDEN Honkoop, Rap en van Thoir; GOUDE Verblaauw; MIDDELBURG de Wed. Abrahams, en verders door de geheele Republiek bij de meeste Boekhandelaars.

Vanaf nr. 6 verdwijnen echter vijf à zes verkooppunten.

Medewerkers
Auteur is mogelijk Bernardus BOSCH (1746-1803): naar een werk van deze wordt in het tijdschrift verwezen. Bovendien is hij de enige auteur die door Fallee uitgegeven wordt.

Inhoud
Volgens de inleiding (nr. 1) wordt het tijd – nadat de mens lang genoeg speelbal zijn geweest van verschillen, heersende driften, en ‘eigenbaatige hervormingen’ – terug te keren op het pad van de te lang verlaten schone godsdienst van Jezus. ‘In de negentiende eeuw is de ware God nog aan veelen, die zich Christenen noemen, onbekend’. De tekst concentreert zich verder op God als ontfermend vader en de natuur als leerboek van God. Het gaat vooral om gevoelvolle godsdienstbeleving.
Opmerkelijk is de belangstelling van de schrijver voor de situatie van de afgestorvenen. Niet alleen is er een stuk over het gevoelen over de onsterfelijkheid bij alle volken, maar ook worden onderwerpen behandeld als ‘De verschijning der afgescheiden zielen op deze aarde’, ‘Troostrijk aandenken aan onze vooruitgereisde vrienden’, ‘De afgescheiden zielen zijn werkzaam met bewustheid en nog veel meer’. Een en ander lijkt aan te sluiten bij de belangstelling voor de geestenwereld in deze decennia.

Exemplaar
¶ Leiden, Universiteitsbibliotheek 1210 B 7.

André Hanou