Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant (1795-1796)

Titelbeschrijving
¶ Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant.

Periodiciteit
De krant verscheen wekelijks op zaterdag, van 9 mei 1795 t/m 24 september 1796. Het is een zelfstandig in de markt gezet bijblad van de Stichtsche Courant (1795-1796). Eenmaal is deze wekelijkse uitgave uitgevoerd als dubbelnummer.
Het verbod van de Stichtsche Courant betekende tevens dat de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant ophield te bestaan.

Bibliografische beschrijving
De Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant bestaat uit een tweezijdig bedrukt vel folio (hoogte: 43 cm), waarop de tekst in twee kolommen is afgedrukt. Op vijf nummers uit juni en juli 1795 na hebben alle kranten aan voor- en keerzijde een buitenmarge, die een 90 graden gekantelde tekst bevat. De nieuwsberichten lopen vrijwel nooit in die marges door, maar als het gebeurt, is de leesvolgorde: voorzijde, keerzijde, marge keerzijde, marge voorzijde. De krant van 10 september 1796 is een dubbelnummer.
De vormgeving van het titelblok is altijd ongewijzigd gebleven. Wel is vanaf eind april 1796, net als bij de Stichtsche Courant, de belettering van het titelblok aangepast. Voordien ziet het titelblok met de ‘oude’ letters er als volgt uit:

Na eind april 1796 oogt het titelblok met de ‘nieuwe’ letters als volgt:

Boekhistorische gegevens
Uitgever van de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant was volgens het colofon ‘Margaretha Wygel [sic] te Utrecht’.
Weygel was een nicht van de eerste vrouw van Johannes Olivier, courantier van de inmiddels verboden Utrechtsche Courant, waaraan zij vermoedelijk had meegewerkt. Zij had hem in Zaltbommel ook al bij de Geldersche Historische Courant geholpen. De soepele opvolging van de Utrechtsche Courant door de Stichtsche Courant maakt duidelijk dat zij die samenwerking in Utrecht voortgezet hebben.
Hoewel er formeel nog steeds een octrooi was voor de Utrechtsche Courant, die als enige Nederlandstalige krant in Utrecht mocht verschijnen, is er geen enkele aanwijzing dat de stedelijke overheid gepoogd heeft de Stichtsche Courant – en daarmee ook de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant – wegens schending van het octrooi aan te pakken.
Uiteindelijk gebeurde dit wel na verschijning van de Stichtsche Courant van 30 september 1796. Een bericht hierin over Franse troepen die van Nijmegen naar Dordrecht ‘met der haast’ werden teruggetrokken, werd als volksopruiing beschouwd. Het Utrechtse Committé van Binnenlandsche Correspondentie legde de Stichtsche Courant per direct een verschijningsverbod op. Dat verbod zal voor Weygel reden zijn geweest om ook de productie van de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant stil te leggen.

Medewerkers
Weygel had ook als redacteur eerder samengewerkt met Johannes Olivier. Het mag daarom worden aangenomen dat Johannes Olivier, ondanks zijn verbanning uit het rechtsgebied van de stad Utrecht, nauw betrokken is geweest bij de publicatie van de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant.
Verder zal de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant in de drukkerij zijn vervaardigd waar ook de Stichtsche Courant werd gedrukt.

Inhoud
De Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant is vrijwel geheel gevuld met (landelijk, provinciaal en stedelijk) binnenlands nieuws. Uitzonderlijk is het verschijnen van nieuws uit de Oost onder de kop ‘Bataviasche Nouvelles’ in de krant van 29 augustus 1795. Hoewel Weygel orangistisch was, oogt de berichtgeving in de krant neutraal.

Relatie tot andere periodieken
De Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant was een zelfstandige uitgave, met eigen nummering, naast de Stichtsche Courant. Wel wordt er een enkele keer een koppeling tussen beide bladen gelegd. Zo verschijnt in de Stichtsche Courant van 16 mei 1795 het vervolg van een publicatie waarvan het begin twee dagen eerder in de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant stond. Ook werd op vrijdag 9 september 1796 de plaatsing van bepaald nieuws in de Stichtsche Courant ‘tot morgen’ uitgesteld, met als gevolg dat de Weeklyksche Saturdagsche Stichtsche Courant van 10 september 1796 een dubbelnummer werd.
Het weekblad was een voortzetting van de Weeklyksche Saturdagsche Utrechtsche Courant (1795) en werd later voortgezet als Weeklyksche Saturdagsche Voorheen Stichtsche nu Rhynlandsche Courant (1797-1798).

Exemplaren
¶ Utrecht, Het Utrechts Archief: sign. bibliotheek L 75 IV D (meegebonden bij de Stichtsche Courant).

Literatuur
¶ W.P. Sautijn Kluit, ‘Hollandsche en Fransche Utrechtsche couranten’, in: Bijdragen en Mededeelingen van het Historisch Genootschap te Utrecht deel 1 (Utrecht 1877), p. 26-168.

Jac Fuchs