Wereld-Beschouwer (1794-1795)

Titelbeschrijving
De Wereld-Beschouwer.

Periodiciteit
(Geïntendeerd) weekblad, verschenen vanaf 1 januari 1794 (mededeling in nr. 1). Het moet soms eens per twee weken, of nog anders, verschenen zijn, aangezien nr. 32 uit 1795 besluit met een heilwens bij het begin van het schrikkeljaar 1796. In dat nummer wordt bovendien gezegd dat de wekelijkse uitgave van een nummer soms verhinderd werd wegens het werk dat met de hervorming van het vaderlandse huishouden gemoeid was (p. 251). Zelfs al in nr. 1 van deel-1795 wordt gezegd: ‘De vertraaging in de uitgaave zullen wij vergoeden’ (p. 7).
In 1794 lijken ten minste 19 afleveringen verschenen te zijn. In 1795 verschenen 32 afleveringen. Het was vermoedelijk niet de bedoeling het blad stop te zetten. Het einde zal eerder veroorzaakt zijn door drukte van de schrijver(s) op het eigenlijke politieke terrein.

Bibliografische beschrijving
Uitgave in octavo. Elke aflevering bevat acht pagina’s. Deel 1 bevat wat de nrs. 1-19 aangaat 152 doorgenummerde pagina’s, deel 2 bevat 256 pagina’s.
Het titelblok heeft titel, nummeraanduiding en onderwerpsregel. Het titelblok van het allereerste nummer heeft tevens een citaat; ook latere afleveringen hebben voorafgaand aan de onderwerpsregel soms een poëtisch motto. In 1756 vindt men boven dit alles ‘(Vrijheid – gelijkheid – broederschap)’.

Boekhistorische gegevens
De colofon van nr. 1, deel 1, luidt:

Deze Ns. worden telkens uitgegeeven à 1 ½ stuiv. te Amsterdam in meest alle Boekwinkels; Rotterdam Vis, Meijer, Holstijn, enz. Dordt Blussé; Leiden Herdingh; Haarlem Tettmans en van Brussel; Delft Roelofswaard; Gouda Buma; Utr [sic] Visch; Wed. Ter Veen, Paddenburg enz.; Leeuwarden Cahais, van Sligh, en v. d. Haak; Groningen Hovingh; Deventer Brouwer; Zwol F. Clement, Nijmegen v. Goor, Zutphen van Eldik, Middelburg Keel, Wetters, en Wed. Abrahams, Breda v. Bergen, ’s Bosch Pallier, Bergen op Zoom van Riemsdijk, – en verders door geheel Nederland, bij meest alle Boekhandelaars.

In nr. 2 luidt het: ‘Te Gouda, bij H.L. van Buma & Comp., en verder alöm, werdt dit Blaadje à 1 ½ Stuiver uitgegeven’. In nr. 12 vindt men een lijst met een geheel andere samenstelling dan in nr. 1, in nr. 13 is de oude opgave terug, in nr. 14 vindt men weer iets anders, en zo gaan deze wisselingen door. In nr. 15 vindt men: ‘Te Bodegraven, Bij T. Meijer, Boekverkooper’, waarna de oude lijst van nr. 1 volgt.
Dit alles maakt niet zeer duidelijk wie als uitgever/drukker in 1794 verantwoordelijk is geweest. Misschien is het blad op verschillende plaatsen tegelijk gezet. In 1795 is het vermoedelijk de Goudse drukker Buma die verantwoordelijk was voor de uitgave.
De colofon van nr. 1 van deel 2 uit 1795 luidt:

Te Gouda, Bij H.L. Buma, Boekverkoper. Worden mede uitgegeven te Amsterdam bij J.W. Smit, v. Laar Mahuet, Verlem, H. Keijzer, Schooneveld, Hazeu, Langeveld, Briët, Saakes, Koene, Crajenschot, Wijnands enz. Rotterdam Meijer, Pols, van Santen, Vis, v. d. Dries, Danserweg, Blussé en Zoon, Haarlem van Brussel, Tettmans, Leiden Herding, Delft de Vries, Schiedam Bakker, ’s Hage Leeuwensteijn, Utrecht Wed. Ter Veen en zoon, Alkmaar Hartemink, Zaandam Tolk, Kool, van Aaken en Quakkelstein; en verder alom door geheel Ned. à 1 ½ St.

In latere nummers komt soms de naam van Buma alléén voor.
In nr. 1 van deel-1795 wordt gemeld dat ‘Tijtel en Register van het Eerste deel gratis worden uitgegeeven’ (p. 8); maar reeds in nr. 3 wordt gezegd: ‘wegens gebrek aan tijd hebben wij het drukken van titel en register tot n. 3 moeten uitstellen’ (p. 16).

Medewerkers
De eerste aflevering wekt de indruk, of wil die wekken, dat de redactie uit meer personen bestond. Een belangrijk schrijver is in ieder geval geweest Bernardus BOSCH (1746-1803), gewezen predikant, radicaal republikein. In deel 1 wordt namelijk gezegd over één van zijn werken: ‘Het zelfde lot trof een werk, getiteld Uitspanningen, dat ik met mijne vriendin P. Moens hadde begonnen’ (p. 309).
Veltman-van den Bos (2000) beschouwt de Wereld-Beschouwer als werk van Petronella MOENS (1762-1843), hetgeen door deze mededeling onwaarschijnlijk lijkt. Moens zelf schreef dat zij co-auteur was van het blad; zie haar opgave daarvan bij Jensen (2001).

Inhoud
Nr. 1 stelt, bij het begin van 1794, in deze verlichte eeuw de wereld te willen beschouwen. Dat wil zeggen: de redelijke schepsels, niet de werken der natuur (lees Martinet!). Wij zijn

leden van die gemeente, welke eens op de aarde zal plaats hebben. Waar in alle menschen het zelfde omtrend God en zijnen dienst zullen denken en belijden. – In het politieke denken wij zoo, dat wij de rechten der menschheid voorstaan, en allessinds trachten te bevoorderen.

Men kan overdenkingen verwachten vanuit Engels, Frans, Spaans en ander territorium; afgewisseld met poëzie.
Deze politiek-progressieve houding is meteen terug te vinden in het onderwerp van nr. 2, waarin in een samenspraak tussen de ‘ik’ en zijn buurman de afzwering van de godsdienst door de Fransen besproken wordt. Dat wil slechts zeggen dat zij zich nu aan de eenvoudige leer van Christus houden; Robespierre heeft Cloots juist aangevallen wegens diens atheïsme.
In daarop volgende afleveringen vindt men ‘Fabelen’ (waaronder ‘De tirannieke snoek’), ‘De rampen van den oorlog en opwekking tot vrede’, ‘Over de gelijkheid der menschen’, ‘De Kristelyke liefde’. Opmerkelijk is in nr. 6, deel 1, een beschouwing over het nut van weekbladen en nieuwspapieren (hadden ze die in de Oudheid maar gehad! Dan waren we nu een stuk verder).
In het jaar 1795, na de revolutie, zijn de onderwerpen en het standpunt meer uitgesproken. Men vindt bijvoorbeeld: ‘Over de waare constitutie’, ‘De opstand der natie’, ‘Over het voorstel van S. Bos wegens het demitteren van predikanten, in de zitting, door de municipaliteit te Amsteldam’, ‘De vergenoegde krijgsman’, ‘Onze eerste verrigtingen naar het sluiten van het alliantietractaat’, ‘Zwaarmoedige oranjedachten weggenomen’. Het is duidelijk dat de politieke ontwikkelingen op de voet worden gevolgd.
Vaak wordt gebruik gemaakt van het stijlmiddel van de ingezonden brief of de samenspraak.

Relatie met andere periodieken
Het is niet waarschijnlijk dat de Wereld-Beschouwer identiek is aan de niet bewaard gebleven Waereld-Beschouwer (1794).

Exemplaren
¶ Den Haag, Koninklijke Bibliotheek: 914 F 16-17 (nrs. 1-19 en 1-32, uit 1794 en 1795)
¶ Utrecht, Universiteitsbibliotheek: PAMFLET 1794-9 (nr. 25; niet geraadpleegd)
¶ Full text deel 1deel 2

Literatuur
¶ L. Jensen, ‘Bij uitsluiting voor de vrouwelijke sekse geschikt’. Vrouwentijdschriften en journalistes in Nederland in de achttiende en negentiende eeuw (Hilversum 2001), p. 75
¶ A.J. Veltman-van den Bos, Petronella Moens (1762-1843). De Vriendin van ’t Vaderland (Nijmegen 2000), p. 444
¶ W.P. Sautijn Kluit, ‘De Wereld-Beschouwer’, in: De Navorscher 29 (1879), p. 26-28 (de auteur heeft zelf geen afleveringen gezien en gooit enige Wereldbeschouwers door elkaar, maar deelt wel het een en ander mee over drukker Buma).

André Hanou