Amsterdamsche Staatkundige, Vermaakelyke en Oordeelkundige Snapper (1744-1749)

Titelbeschrijving
De Amsterdamsche Staatkundige, Vermaakelyke en Oordeelkundige Snapper.

Periodiciteit
Het blad verscheen wekelijks op maandag, van dinsdag (!) 7 april 1744 tot en met 1749. Bij uitzondering, wegens ‘den Overvloed der Snapstoffe die zich dagelyks aanbiedt’ (13 april 1744), verschenen er ook afleveringen op donderdag. Blijkens de advertentie in de Leydse courant van 16 april 1745 kwam de Amsterdamsche Snapper ook wel eens op woensdag uit.

Bibliografische beschrijving
In kwarto. Iedere aflevering telt 8 pagina’s. Het titelblok van de afzondelijke  afleveringen heeft het volgnummer, de titel De Amsterdamsche Snapper, dag en datum. De titelpagina’s van de gebundelde afleveringen hebben een titelvignet door Simon Fokke. De titelplaat, een allegorie op de schrijfkunst, is eveneens door hem gegraveerd en voorzien van ‘een beredeneerende Uitlegging’ (advertentie Leydse Courant 16 april 1745).

Boekhistorische gegevens
Het impressum op de titelpagina meldt: ‘Te Amsterdam, By Jacobus Ryckhoff Junior, Boekverkooper over de Trappen van de Beurs Sluys’. De colofons van de eerste afleveringen geven slechts ‘t’Amsterdam by J. Ryckhoff Junior, Boekverkoper’. De advertenties in de Leydse Courant van 13 april 1744 en 16 april 1745 noemen de prijs per aflevering: 1½ stuiver. Op 26 oktober 1744 werd geadverteerd voor het eerste deel, inclusief voorwerk, à 20 stuivers. Op 16 april 1745 adverteerde Ryckhoff voor de eerste drie delen, inclusief titelplaat, à 3 gulden.
In de advertenties worden tevens als verkopers genoemd: Nicolaas Pieter Blommendaal te ’s-Gravenhage; Caspar van Graauwenhaan te Delft, Philippus Losel te Rotterdam, Abraham Staal te Gouda, Hendrik van der Deyster te Leiden, Jan van Lee te Haarlem, Matthaeus Visch en Arnold Lobedanius, beiden te Utrecht (Leydse Courant 13 april 1744). Kort daarop kwamen er vooral adressen uit Noord-Holland en Groningen bij: Joannes van Braam te Dordrecht, Jan Coster Hz. te Alkmaar, Egidius van Ophem te Purmerend, Jacob Duyn te Hoorn, Hendrik Callenbach te Enkhuizen, en Jacob Sipkes te Groningen (Leydse Courant 27 april 1744).

Medewerkers
Het staat vast dat Jean ROUSSET DE MISSY (1686-1762) de auteur is van een groot aantal afleveringen en/of delen hiervan. De afleveringen van 16 januari 1747 en 22 april 1748 bijvoorbeeld vermelden dit expliciet in de ondertitel: ‘Uyt het Frans van de Heer Rousset in ’t Nederduitsch overgezet’. In de tweede plaats bevat de Amsterdamsche Snapper veel brieven die met de naam van Rousset de Missy ondertekend zijn.
Verder noemt de uitgever in zijn advertenties in de Leydse Courant van 26 oktober 1744 en 16 april 1745 dat het blad een vertaling is ‘van het alom berugte Werkje genaamd L’Epilogueur, Politique, Galante et Critique.’ Het tijdschrift L’Epilogueur (1742-1745) was een voortzetting van Le Magazin des Événemens de toutes sortes, passés, présens et futurs, historiques, politiques et galans (1741-1742). In de ’s Gravenhaegse Courant van 26 september 1746 zegt de uitgever dat de Amsterdamsche Snapper een vertaling is van een ander blad van Rousset de Missy: L’Avocat Pour et Contre (1746-1747). Alle genoemde Franstalige weekbladen waren eveneens door Rijkhoff uitgegeven en waren deels of zelfs helemaal geschreven door Rousset de Missy.
Er worden geregeld gedichten of dichtregels geciteerd uit het oeuvre van Jeremias de Decker, Joannes Vollenhove. Het blad bevat veel gedichten van ene F.G. de Vlieger.

Inhoud
De journalist, historieschrijver en politiek activist Rousset de Missy was uitgesproken prinsgezind en uitte in zijn geschriften scherpe kritiek op de regentenoligarchie en op staatsvijand nummer 1: zijn geboorteland Frankrijk.
Deze radicaal-politieke voorkeur spreekt duidelijk uit de Amsterdamsche Snapper. Hierin wordt veelvuldig verslag gedaan van oorlogshandelingen waar de Republiek direct of zijdelings bij betrokken was. Het was dan ook bedoeld, aldus de advertentie in de Leydse Courant van 2 november 1744,

om de Lezers een regt denkbeeld der tegenwoordige Staats- en Oorlogszaken te geeven, en eene kundigheid zonder vooroordeelvan de dagelykse gevallen en veranderende Omstandigheden der Belangenvan de Hoven en Vorsten, door staatkundige en onderregtende Aanmerkingen.

De teksten laten zien dat de schrijver goed ingevoerd was in de relevante ordonnanties, tractaten en rechtstheoretische leerstukken (Grotius, Puffendorf). In de analyses van de internationale politieke situatie worden ze gedetailleerd over het voetlicht gebracht. Door de uitgebreide toelichtingen op de politieke koers die Oranje wenste te varen, lijkt het blad een spreekbuis van de stadhouder en zijn adviseurs. In hoeverre iemand als Willem Bentinck, die Rousset goed kende, inderdaad bemoeienissen heeft gehad met het journalistieke werk van de laatste, is niet duidelijk.
De afleveringen worden dikwijls besloten met enkele toepasselijke dichtregels.

Exemplaren
¶ Den Haag, Koninklijke Bibliotheek: 966 C 81 (deel 1-6)
¶ Leiden, Universiteitsbibliotheek: 1068 B 28 (deel 8-10)
¶ Amsterdam, Persmuseum PM 3107 (diverse losse nrs.)
¶ Amsterdam, Universiteitsbibliotheek: Z 2610 (deel 1-9 en enkele losse nrs.).
¶ Full text deel 1, 2 en 3, deel 4 en 5, deel 6 en 7, deel 8, 9 en 10

Rietje van Vliet