Bataafsche Nationaale Voorlichter (1795)

Titelbeschrijving
Bataafsche Nationaale Voorlichter. Waarin bewezen wordt, dat een vrye en welgeregelde Volksstem, moet rusten op vaste gronden; en dat onze constitutie niet eer gevestigd kan zyn, voor dat zulk een vrye stem heeft plaats gehad: welke natuurlyk geleegen is, in de uitbrenging van dezelven, op de eenvoudigste en ongedwongenste wyze: uit veele tegenwoordige gevallen beweezen, en vrymoedig voorgesteld in tien vertoogen.

Periodiciteit
Weekblad in niet meer dan tien afleveringen (blijkens opgave titelpagina). De eerste en tweede aflevering verschenen tezamen als ‘No. 1-2’.
De afleveringen hebben aan het einde een datering, die vermoedelijk tevens ongeveer de datum van verschijnen indiceert, aangezien de schrijver tevens de uitgever was: 28 augustus 1795, 5 september, 12 september, 16 september, 26 september, 3 oktober, 10 oktober, 17 oktober (2x).

Bibliografische beschrijving
Elke aflevering bevat acht pagina’s in octavoformaat, behalve de aflevering met de nrs. 1-2: twintig pagina’s.
Het gehele werk heeft 86 pagina’s, met daarnaast een voorwerk: uitsluitend een titelpagina. Aan de versozijde daarvan vindt men een motto uit Jesaja 7:9, met de strekking: zonder geloof vindt men geen bevestiging.

Boekhistorische gegevens
Het impressum op de titelpagina luidt: ‘Te Amsterdam, by Cornelis Byl, in de Hoogstraat, over de Waale Kerk, 1795’. Elke aflevering heeft als colofon een vermelding van dezelfde aard.
Op p. 4 meldt Byl dat hij wekelijks een half blad wil uitgeven, voor anderhalve stuiver.

Medewerker
Cornelis Byl.

Inhoud
Pleidooi voor de vrije invloed van alle Nederlanders als kiezers van totaal nieuwe besturen in stad en land; met verwijdering van alles restanten van oude ‘souvereinen’. Om dat te bereiken moeten de Provisionele representanten zoveel mogelijk de macht gebruiken dat hun is toegekend bij de wet van 31 januari 1795. In dit alles zal zo de hand Gods in onze geschiedenis zichtbaar worden.
Dit alles wordt betoogd in een curieus mengsel van godsdienstwaanzin en politieke radicaliteit, in een veelal aan het Oude Testament ontleend jargon. Cornelis Byl meent dat hij de oude profetische gaven bezit en dat er een bijzondere taak voor hem is weggelegd. ‘Ik ben Voorlichter of voorganger namens God’ (p. 4). Evenwel mag, conform Jesaja 10, de bijl zich niet beroemen op zijn werk: de bijl is slechts een instrument in de hand van de Hanteerder.
De schrijver zegt nu voor de derde maal reeds in het publiek voor het Bataafse volk verschenen te zijn en verwijst naar zijn andere geschriften over de Nationale Constitutie.
Het blad trok ironisch commentaar aan van een daartoe apart gecreëerd periodiekje: Bileams eselinne aan Cornelis Byl (1795).

Exemplaar
¶ Amsterdam, Universiteitsbibliotheek: Pfl. T x 24.
Full text (incompleet)

André Hanou