Spectateur Universeel (1789-1801)

Titelbeschrijving
Den Spectateur Universeel of Nederlandschen Blad-Schryver met historische en geographische bijvoegsels, als ook eene korte Beschryvinge der Nederlanden, daer by gevoegd de heldendaeden van de Prins Eugenius van Savoyen.
Titelvariant: Den Spectateur Universeel, oft Algemeyn Nieuwblad, waer in men verhaelt de voornaemste historische en staetkundige geschiedenissen van dezen tegenwoordigen tyd. Het meestendeels getrokken uyt de Dag-Registers en Gazetten van Europa. Als ook de Beschryvingen van de principaelste Landen en Steden, waer van in dit Nieuws-blad zal gehandelt worden.
Na de Brabantse Omwenteling (1790) kreeg het de ondertitel Gazette patriotique brabançonne.

Periodiciteit
Aanvankelijk verscheen dit nieuwsblad verschillende malen per week, om vanaf 27 februari 1790 een weekblad te worden.
Volgens Devolder (2003, p. 366) verscheen het blad van 5 juli 1789 t/m 31 oktober 1801. De Canck (1995), die anders dan Devolder geen exemplaar heeft kunnen traceren, geeft behalve de uitgebreide titelbeschrijving afwijkende informatie over de aanvang en verschijningsduur van het blad:

Omstreeks 15 juli [1789] begon hij [de drukker-uitgever] dan zonder de vereiste toelating met het drukken van Den Spectateur Universeel. […] Het blad zou vijf maanden zijn verschenen [in 1789], maar ieder spoor ervan ontbreekt. (p. 200)

De genoemde begindatum wijkt echter af van wat De Canck later opmerkt: ‘Op 1 juli van 1789 verscheen Den Spectateur Universeel en op 7 juli het eerste nummer van de Franstalige versie, Le Spectateur Universel’ (p. 209).

Bibliografische beschrijving
In octavo.

Boekhistorische gegevens
‘Tot St. Truyden, by J. Michel, regt over den Wilden Man’. Eind december 1789 liet Jozef Michel de druk en uitgave van Den Spectateur Universeel over aan zijn broer Franciscus Michel.

Medewerkers
De drukker-uitgever was tevens de schrijver van het blad: Jozef MICHEL (1752-1812). Deze anti-jozefistische schrijver ageerde tegen het Oostenrijks bewind vanaf grondgebied van het prinsbisdom Luik. Later had de Franse revolutie zijn sympathie.

Inhoud
De Canck licht de inhoud van het nieuwsblad als volgt toe:

Meer nog dan de Nederlandstalige versie belichtte deze [de Spectateur Universel] de Franse gebeurtenissen van dat jaar. Als nieuws- en annonceblad waren beide [de Spectateur Universeel en de Spectateur Universel] aanvankelijk zeer neutraal in hun berichtgeving over de nationale politiek. Na de inname van Gent eind november door de Brabantse patriotten, werden beide kranten openlijk patriottisch gezind […]. Le Spectateur Universel verscheen nog tot 11 juli 1790. (p. 209)

Bij Smeyers (1975) vindt men nog:

de keizersgezinde advocaat Verhaeghe schrijft erover in zijn Jaerboeken: ‘Dit blad, vol agterklap, leugens en injurien tegen den Souvereyn en de gene hem aengekleefd waeren, wierd met groot genoegen gelezen door de Bisschoppen en andere voornaeme persoonen’. (p. 476-477)

Relatie tot andere periodieken
De volledige titel van de Franstalige versie luidt: Le Spectateur Universel ou Relation fidelle des principaux evenemens historiques et politiques du tems present, extraits de la plupart des journaux et gazettes de l’Europe (1789-1790). Het blad werd eveneens door Jozef Michel uitgegeven: aanvankelijk tweewekelijks maar vanaf 6 augustus 1789 driemaal per week.
Serrure (1834) acht Den Spectateur Universeel van mindere kwaliteit dan een eerder periodiek dat te Leuven verscheen: Wekelyks Lovensch Nieuws (1773-1789).

Exemplaren
¶ Leuven, Stadsarchief (volgens Devolder; niet geraadpleegd).

Literatuur
¶ J. Devolder, Algemene bibliografie van publicaties uitgegeven in de Zuidelijke Nederlanden (Gent 2003)
¶ H. de Canck, ‘Drukken in revolutietijden: de Leuvense drukkers Michel (ca. 1770-ca. 1820)’, in: De Achttiende Eeuw. Documentatieblad van de Werkgroep Achttiende Eeuw 27 (1995) 2, p. 200, 209-210
¶ M. De Ceuster, Den Spectateur Universeel (1789-1801) en Le Spectateur Universel (1789-1790): een bijdrage tot de Leuvense persgeschiedenis (Leuven 1984) [these, aanw. KU Leuven]
¶ J. Smeyers, ‘De Nederlandse letterkunde in het Zuiden’, in: H. Vieu-Kuik en J. Smeyers, De letterkunde in de achttiende eeuw in Noord en Zuid (Antwerpen/Amsterdam [1975]), p. 476-477.
¶ C.P. Serrure, ‘Beoefening der moedertaal te Leuven. Kamers van Rhetorica’, in: Nederduitsche Letteroefeningen 1834, p. 239.

André Hanou