Dordrechtse Courant (1795-1896)

Titelbeschrijving
Dordrechtse Courant.

Periodiciteit
Door de lapidaire overlevering van de Dordrechtsche Courant tot 1796 zijn de beginjaren van de krant moeilijk exact te reconstrueren.
De krant verscheen vanaf 14 april 1795 onder de titel Bataafsche Historische Courant. Deze titel werd op 19 mei 1795 nog gebruikt. Het volgende bewaard gebleven nummer dateert van 18 juni 1795 en heeft als titel Dordrechtse Historische Courant.
Als gevolg van een keizerlijk decreet uit februari 1810, waarbij gelast werd dat kranten voortaan zowel in het Frans als in het Nederlands moesten worden gedrukt, verscheen de krant vanaf 29 januari 1811 als Gazette de Dordrecht / Dordrechtsche Courant (advertenties alleen Nederlandstalig).
Vanaf 2 januari 1812 degradeerde de krant tot het advertentieblad Affiches, Annonces et Avis Divers de Dordrecht / Advertentiën, Aankondigingen en Berigten van Dordrecht, om na de nederlaag van Napoleon en de daarop volgende politieke omwenteling vanaf 27 november 1813 weer te verschijnen als het nieuwsblad, de Dordrechtsche Courant.
De Dordrechtsche Courant verscheen driemaal per week, op dinsdag, donderdag en zaterdag. Vanaf 1 juli 1869 werd de krant een dagblad. In 1896 werd de Dordrechtsche Courant op gesplitst in een middag- en avondeditie, waarmee een nieuw tijdperk voor de krant werd ingeluid.

Bibliografische beschrijving
Iedere aflevering is nominaal ter grootte van een half vel folioformaat. De tekst is in twee kolommen opgemaakt, met uitzondering van de advertenties (die ook overdwars zijn afgedrukt).
Boven het titelblok van de Dordrechtsche Courant staat het motto ‘Vryheid, Gelykheid, Broederschap’. Daaronder, aan weerzijden van het vignet, jaartal en volgnummer, de titel, dag en datum, en daaronder ‘Het eerste Jaar der Bataafsche Vryheid’. Het titelvignet is het wapen van Dordrecht: een wapenschild geflankeerd door twee griffioenen.
Vanaf 19 november 1801 zijn het motto en de datumaanduiding volgens de Franse republikeinse kalender verdwenen.
Het formaat verandert nadat de krant is omgevormd tot advertentieblad (oblong, dubbelgevouwen folioformaat). Vanaf 27 november 1813 keert het oorspronkelijke formaat terug.

Boekhistorische gegevens
Aanvankelijk wordt de krant uitgegeven door J. de Leeuw en J. Krap Az te Dordrecht. Vanaf 1 september 1795 luidt het impressum ‘Te Dordrecht, by J. de Leeuw’.
Op 1 april 1797 komt de krant in handen van de firma van de Dordtse uitgeversfamilie Blussé en meldt het impressum op de achterpagina ‘Te Dordrecht, ter Boekdrukkery van Blussé & Comp.’, later ook met het adres in de Gravestraat. Overige verkoopadressen zijn dan:

te Amsterdam by A.B. Saakes, op het Water; te Rotterdam by J. van Santen, op de Leuvenhaven; in ’s Hage by J.A. van Drecht, in den Driehoek achter het Stadhuis; te Leyden by A. en J. Honkoop; te Haarlem by F. Bohn; te Delft by M. Roelofswaart; te Schiedam by J.C. Poelman; te Middelburg by W.A. Keel; te Utrecht by J. van der Schroof; en zal voords alömme by de Boekverkoopers, of op de Post-Comptoiren te bekomen zyn. De gezegde Uitgevers zullen zich belasten met het aannemen en verzenden van Advertentiën en Berichten voor de Dordrechtsche Courant.

Adolph Blussé verzocht in 1806 het stadsbestuur hem als stadscourantier aan te stellen. Men ging hierop in onder de voorwaarde dat voortaan alle stedelijke publicaties gratis konden worden geplaatst. Maar ook als stadcourant ontkwam het blad niet aan de opgelegde censuur. De tijden waren niet gunstig voor de ontwikkeling van een meer onafhankelijke journalistiek. De uitgave van een Staatsblad onder de regering van Lodewijk Napoleon maakte de zaak voor courantiers als Blussé nog slechter.

Medewerkers
Als auteurs komen we in de beginjaren landelijke bekende patriotten als Wybo FYNJE en Gerrit PAAPE tegen. De uit Delft afkomstige Fynje (1750-1809) was ook elders en later actief als courantier en drukker. Op 22 januari 1798 pleegde hij, samen met de Leidenaren Vreede en Van Langen, een staatsgreep die een radicaal Uitvoerend Bewind aan de macht bracht. Nog geen vijf maanden later werd er onder leiding van H.W. Daendels een nieuwe staatsgreep gepleegd en werd Fynje ambteloos burger.
Gerrit Paape (1752-1803) was als generatiegenoot bevriend met patriottische leiders als Fynje en Vreede. Paape was een productief man en actief als dichter, schrijver, vertaler en uitgever. Het werk van Paape is in het algemeen als zeer geëngageerd te bestempelen. Naast zijn politieke werk heeft hij ook geromantiseerde verhalen en non-fictief werk op zijn naam staan.
Nadat Pieter Blussé de Dordrechtse Courant in april 1797 had overgenomen, vertrouwde hij de redactie van de krant toe aan zijn zoon Abraham BLUSSÉ (1772-1850) en de supervisie over de drukkerij aan Adolph BLUSSÉ (1779-1846). Omdat Abraham reeds het jaar daarop vertrok naar de redactie van de Gazette de Leyde, kreeg Adolph vanaf 1798 eveneens het hoofdredacteurschap in handen. Dit bleef zo tot 1840.

Inhoud
Zeker in de eerste verschijningsjaren is de toon in de politieke berichten van de Dordrechtse Courant redelijk fel patriottisch van aard. Met Adolph Blussé als uitgever lijkt dit niet meteen anders te worden.

Relatie tot andere periodieken
De krant begint haar bestaan als Bataafsche Historische Courant (1795), vervolgens als Dordrechtse Historische Courant (1795) en daarna als de Nederlandstalige Dordrechtse Courant (1795-1811), de tweetalige Gazette de Dordrecht / Dordrechtsche Courant (1811-1812), het eveneens tweetalige advertentieblad Affiches, Annonces et Avis Divers de Dordrecht / Advertentiën, Aankondigingen en Berigten van Dordrecht (1812-1813) en ten slotte wederom de Dordrechtsche Courant (1813-1896).
In zekere zin kan de Dordrechtsche Oprechte Hollandsche Historische Courant (1789-1790) als voorloper van de Dordtse Courant worden beschouwd. De uitgevers hiervan en de redacteur staan echter als overtuigd orangisten te boek.

Exemplaren
¶ Dordrecht, Erfgoedcentrum DiEP: Collectie kranten, toegangsnummer 569, inv.nr. 1 (1795-1896; vanaf 1796 compleet)
¶ Dordrecht, Erfgoedcentrum DiEP: Collectie van bescheiden met betrekking tot de familie Schotel, arch. 168, inv.nr. 105 (nr. van 19 mei 1795)
¶ Amsterdam, Persmuseum: PM 14575 (nr. van 16 mei 1795).

Literatuur
¶ J. Alleblas, De Dordtse persgeschiedenis, 1789-2000 (Dordrecht 2007; niet gepubliceerd)
¶ A. Baggerman, Een lot uit de loterij. Familiebelangen en uitgeverspolitiek in de Dordtse firma A. Blussé en Zoon, 1745-1823 (Den Haag 2000)
¶ W. Frijhoff, H. Nusteling en M. Spies, Geschiedenis van Dordrecht van 1572 tot 1813 (Hilversum 1998), p. 332-336
¶ J.C. Wijnand, De geschiedenis van de Dordrechtse Courant (Dordrecht 1926)
¶ J. van de Maas [=J.L. van Dalen], ‘Geschiedenis der Dordrechtse courant (1789-1889)’, in: Dordtsche Schetsen, deel 2 (Dordrecht z.j.)

Sander van Bladel